Dutch
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Arzerra (ofatumumab) – Bijsluiter - L01XC10

Updated on site: 05-Oct-2017

Naam van geneesmiddelArzerra
ATC codeL01XC10
Werkzame stofofatumumab
ProducentNovartis Europharm Ltd

Bijsluiter: informatie voor de gebruiker

Arzerra 100 mg concentraat voor oplossing voor infusie Arzerra 1000 mg concentraat voor oplossing voor infusie ofatumumab

Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel krijgt want er staat belangrijke informatie in voor u.

-Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.

-Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige.

-Krijgt u last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige.

Inhoud van deze bijsluiter

1.Wat is Arzerra en waarvoor wordt dit middel gebruikt?

2.Wanneer mag u dit middel niet krijgen of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

3.Hoe wordt dit middel gegeven?

4.Mogelijke bijwerkingen

5.Hoe bewaart u dit middel?

6.Inhoud van de verpakking en overige informatie

1.Wat is Arzerra en waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Arzerra bevat ofatumumab, dat tot een groep geneesmiddelen behoort die monoklonale antilichamen genoemd wordt.

Arzerra wordt gebruikt voor de behandeling van chronische lymfatische leukemie (CLL). CLL is een vorm van bloedkanker, die witte bloedcellen genaamd lymfocyten aantast. De lymfocyten vermenigvuldigen zich te snel en leven te lang, zodat er te veel lymfocyten in uw bloed circuleren. De ziekte kan ook andere organen in uw lichaam aantasten. Het antilichaam in Arzerra herkent een stof op de oppervlakte van de lymfocyten en zorgt ervoor dat de lymfocyten afsterven.

2.Wanneer mag u dit middel niet krijgen of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Wanneer mag u dit middel niet krijgen?

-U bent allergisch (overgevoelig) voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u

vinden in rubriek 6.

Neem contact op met uw arts als u denkt dat dit op u van toepassing is.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Neem contact op met uw arts of verpleegkundige voordat u dit geneesmiddel krijgt:

als u hartproblemen heeft gehad

als u een longziekte heeft

Neem contact op met uw arts als u denkt dat dit op u van toepassing is. Het kan nodig zijn om extra onderzoeken bij u uit te voeren terwijl u met Arzerra wordt behandeld.

Uw arts kan de hoeveelheid elektrolyten (zouten), zoals magnesium en kalium in uw bloed onderzoeken voor en tijdens uw behandeling met Arzerra. Uw arts kan u behandelen als er ontdekt wordt dat de elektrolyten niet in balans zijn.

Vaccinatie en Arzerra

Als u gevaccineerd wordt, vertel dan aan uw arts of aan de persoon die u het vaccin toedient, dat u met Arzerra wordt behandeld. Het kan zijn dat uw reactie op het vaccin verminderd is en dat u niet volledig beschermd bent.

Hepatitis B

Er zal bij u een test op hepatitis B (een leverziekte) worden uitgevoerd voordat de behandeling met Arzerra wordt gestart. Als u eerder hepatitis B heeft gehad, kan Arzerra ervoor zorgen dat het opnieuw actief wordt. Uw arts kan u behandelen met een geschikt antiviraal geneesmiddel om dit te voorkomen.

Als u hepatitis B heeft of heeft gehad, vertel dit dan aan uw arts voordat u Arzerra krijgt.

Reacties op de infusie

Dit type geneesmiddelen (monoklonale antilichamen) kan infusiereacties veroorzaken als ze in het lichaam geïnjecteerd worden. U zult geneesmiddelen krijgen zoals antihistaminica, steroïden of pijnstillers om reacties te verminderen. Zie ook rubriek 4, Mogelijke bijwerkingen’.

Als u denkt dat u eerder een dergelijke reactie heeft gehad, vertel dit dan aan uw arts voordat Arzerra aan u wordt toegediend.

Progressieve multifocale leuko-encefalopathie (PML)

Progressieve multifocale leuko-encefalopathie (PML), een ernstige en levensbedreigende hersenaandoening, is gemeld met geneesmiddelen zoals Arzerra. Vertel het onmiddellijk aan uw arts als u geheugenverlies, moeite met denken, moeite met wandelen of verlies van gezichtsvermogen heeft. Als u deze symptomen had voordat u met Arzerra werd behandeld, vertel het dan onmiddellijk aan uw arts als een van deze symptomen verandert.

Darmverstopping

Neem onmiddellijk contact op met uw arts als u last heeft van verstopping, een opgezette buik of buikpijn. Dit kunnen symptomen zijn van een verstopping van de darm, vooral in het begin van uw behandeling.

Kinderen en jongeren tot 18 jaar

Het is niet bekend of Arzerra werkt bij kinderen en jongeren tot 18 jaar. Daarom wordt Arzerra niet aanbevolen bij kinderen en jongeren tot 18 jaar.

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Gebruikt u naast Arzerra nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor kruidengeneesmiddelen en andere geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen.

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

Arzerra wordt normaal gesproken niet aanbevolen voor gebruik tijdens de zwangerschap.

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Vertel dit dan aan uw arts voordat dit geneesmiddel aan u wordt gegeven. Uw arts zal het voordeel van de behandeling voor u afwegen tegen het risico voor uw baby van het gebruik van Arzerra tijdens uw zwangerschap.

Gebruik een betrouwbare middel om zwangerschap te voorkomen (voorbehoedsmiddel) tijdens de behandeling met Arzerra en gedurende 12 maanden na uw laatste dosis Arzerra. Vraag uw arts om advies als u zwanger wilt worden na deze periode.

Als u zwanger wordt tijdens de behandeling met Arzerra, vertel dit dan aan uw arts.

Het is niet bekend of de bestanddelen van Arzerra overgaan in moedermelk. Het geven van borstvoeding wordt niet aanbevolen tijdens de behandeling met Arzerra en gedurende 12 maanden na de laatste dosis Arzerra.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Het is niet waarschijnlijk dat Arzerra invloed heeft op uw vermogen om auto te rijden of machines te bedienen.

Arzerra bevat natrium

Arzerra bevat 34,8 mg natrium in elke 300 mg dosering, 116 mg natrium in elke 1000 mg dosering en 232 mg natrium in elke 2000 mg dosering. Als u een natriumarm dieet volgt, moet u hiermee rekening houden.

3.Hoe wordt dit middel gegeven?

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel, vraag het dan aan de arts of de verpleegkundige die de infusie toedient.

De gebruikelijke dosering

De gebruikelijke dosering Arzerra voor de eerste infusie is 300 mg. Deze dosering zal tijdens de volgende infusies worden verhoogd, meestal tot 1000 mg of 2000 mg.

Hoe wordt Arzerra toegediend?

Arzerra wordt toegediend in een ader (intraveneus) als een enkele uren durende infusie.

Als u niet eerder voor CLL behandeld bent, krijgt u maximaal 13 infusies. U zult een eerste infusie krijgen die 7 dagen later wordt gevolgd door een tweede infusie. De volgende infusies zullen dan eenmaal per maand worden gegeven gedurende maximaal 11 maanden.

Als u al eerder voor CLL behandeld werd, maar de ziekte komt terug, dan zult u maximaal 7 infusies krijgen. U zult een eerste infusie krijgen die 7 dagen later gevolgd wordt door een tweede infusie. De volgende infusies zullen dan eenmaal per maand worden gegeven gedurende maximaal

6 maanden.

Als u eerder behandeld bent voor CLL zult u normaal gesproken een behandeling krijgen van 12 infusies. U zult gedurende acht weken elke week een infusie krijgen. Dit wordt gevolgd door een periode van vier tot vijf weken zonder behandeling. Daarna zullen de resterende infusies eenmaal per maand gedurende vier maanden worden toegediend.

Geneesmiddelen die voor elk infuus worden toegediend

Voor elk infuus met Arzerra krijgt u premedicatie – geneesmiddelen die zullen helpen om infusiereacties te verminderen. Dit kunnen antihistaminica, steroïden en pijnstillers zijn. U zult nauwlettend gecontroleerd worden en mochten er reacties optreden, dan zullen deze worden behandeld.

4.Mogelijke bijwerkingen

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

Reacties op de infusie

Dit type geneesmiddelen (monoklonale antilichamen) kan reacties veroorzaken die verband houden met de infusie en die in zeldzame gevallen ernstig zijn en overlijden kunnen veroorzaken. Ze kunnen vooral tijdens de eerste behandeling optreden.

Zeer vaak voorkomende symptomen van een reactie op de infusie (deze kunnen voorkomen bij meer dan 1 op de 10 mensen):

misselijkheid

hoge temperatuur

huiduitslag

ademnood, hoesten

diarree

geen energie hebben

Vaak voorkomende symptomen van een reactie op de infusie (deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 10 mensen):

allergische reacties, soms ernstig met symptomen zoals jeukende huiduitslag met bultjes (galbulten), zwelling van het gezicht of de mond (angio-oedeem), die moeite met ademhalen en flauwvallen veroorzaakt

moeilijk ademhalen, kortademigheid, benauwdheid op de borst, hoesten

lage bloeddruk (kan een licht gevoel in het hoofd geven als u opstaat)

overmatig blozen

overmatig zweten

trillen of rillen

snelle hartslag

hoofdpijn

pijn in de rug

hoge bloeddruk

pijn of irritatie in de keel

verstopte neus

Soms voorkomende symptomen van een reactie op de infusie (deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 100 mensen):

anafylactische reactie (ernstige allergische reactie), soms met anafylactische shock, waarvan de symptomen kunnen zijn: ademnood of moeilijk ademhalen, piepend ademhalen of hoesten, licht gevoel in het hoofd, duizeligheid, veranderingen in bewustzijn, lage bloeddruk, met of zonder jeuk over het hele lichaam, rode huid, zwelling van het gezicht en/of de keel, blauwe verkleuring van de lippen, tong of de huid

vloeistof in de longen (pulmonaal oedeem) wat kortademigheid veroorzaakt

langzame hartslag

blauwe verkleuring van de lippen en de ledematen (mogelijke symptomen van een gebrek aan zuurstof (hypoxie))

Vertel het onmiddellijk aan uw arts of verpleegkundige als u een van deze symptomen krijgt.

Andere mogelijke bijwerkingen

Zeer vaak voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij meer dan 1 op de 10 mensen:

vaak infecties krijgen, koorts, rillingen, keelpijn of mondzweren als gevolg van infecties

koorts, hoesten, moeilijk ademhalen, piepend ademhalen, mogelijke symptomen van infecties van de longen of de luchtwegen (ademhalingsstelsel), waaronder longontsteking

keelpijn, een gevoel van druk of pijn in de wangen en het voorhoofd, infectie van het oor, de neus of de keel

Zeer vaak voorkomende bijwerkingen die in uw bloeduitslagen zichtbaar kunnen worden:

lage aantallen witte bloedcellen (neutropenie)

lage aantallen rode bloedcellen (anemie)

Vaak voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 10 mensen:

koorts of juist een erg lage lichaamstemperatuur, pijn op de borst, kortademigheid of snelle ademhaling, bibberen, rillingen, verwardheid, duizeligheid, minder plassen en snelle hartslag (mogelijke symptomen van een bloedinfectie)

moeite met plassen en pijn bij het plassen, heel sterk gevoel te moeten plassen, urineweginfecties

gordelroos, koortsblaasjes (mogelijke symptomen van een virale herpesinfectie die ernstig kan zijn)

Vaak voorkomende bijwerkingen die in uw bloeduitslagen zichtbaar kunnen worden:

lage aantallen bloedplaatjes in uw bloed (cellen die helpen bij de stolling van uw bloed)

Soms voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 100 mensen:

verstopping in de darmen. Dit kan aanvoelen als maagpijn

Als u aanhoudende maagpijn heeft, ga dan zo snel mogelijk naar uw arts .

gele huid en ogen, misselijkheid, verlies van eetlust, donkere urine (mogelijke symptomen van een infectie of re-activatie van het hepatitis B-virus)

geheugenverlies, moeite met denken, moeite met wandelen of verlies van gezichtsvermogen (mogelijke symptomen van een ernstige en levensbedreigende hersenaandoening (progressieve multifocale leuko-encefalopathie))

stijging van kalium, fosfaat en urinezuur in het bloed; dit kan nierproblemen veroorzaken (tumorlysissyndroom)

De symptomen van deze toestand zijn onder meer:

minder urine produceren dan normaal

spierspasmen

Als u deze symptomen opmerkt, neem dan zo snel mogelijk contact op met uw arts .

Soms voorkomende bijwerkingen die in uw bloeduitslagen zichtbaar kunnen worden:

problemen met de bloedstolling

het beenmerg produceert te weinig rode of witte bloedcellen

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of verpleegkundige. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

5.Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en het etiket van de injectieflacon na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Gekoeld bewaren en transporteren (2°C-8°C).

Niet in de vriezer bewaren.

De injectieflacon in de buitenverpakking bewaren ter bescherming tegen licht.

Bewaar de verdunde infusie-oplossing tussen 2°C en 8°C en gebruik de oplossing binnen 24 uur. Alle ongebruikte oplossing moet worden weggegooid 24 uur na de bereiding.

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

Welke stoffen zitten er in dit middel?

-De werkzame stof in dit middel is ofatumumab. Een ml concentraat bevat 20 mg ofatumumab.

-De andere stoffen in dit middel zijn arginine, natriumacetaat (E262), natriumchloride, polysorbaat 80 (E433), dinatrium EDTA (E386), zoutzuur (E507) (voor pH-aanpassing), water voor injectie (zie

“Arzerra bevat natrium” in rubriek 2).

Hoe ziet Arzerra eruit en hoeveel zit er in een verpakking?

Arzerra is een kleurloos tot lichtgeel concentraat voor oplossing voor infusie.

Arzerra 100 mg is verkrijgbaar in een verpakking met 3 injectieflacons. Elke glazen injectieflacon is afgesloten met een rubber stop en een aluminium verzegeling, en bevat 5 ml concentraat (100 mg ofatumumab).

Arzerra 1000 mg is verkrijgbaar in een verpakking met 1 injectieflacon. Elke glazen injectieflacon is afgesloten met een rubber stop en een aluminium verzegeling, en bevat 50 ml concentraat (1000 mg ofatumumab).

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

Novartis Europharm Limited

Frimley Business Park

Camberley GU16 7SR

Verenigd Koninkrijk

Fabrikant

Glaxo Operations UK Limited (handelend als Glaxo Wellcome Operations), Harmire Road, Barnard Castle, County Durham DL12 8DT, Verenigd Koninkrijk.

Novartis Pharmaceuticals UK Limited, Frimley Business Park, Frimley, Camberley, Surrey GU16 7SR, Verenigd Koninkrijk

Novartis Pharma GmbH, Roonstrasse 25, 90429 Nürnberg, Duitsland

Neem voor alle informatie met betrekking tot dit geneesmiddel contact op met de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen:

België/Belgique/Belgien

Lietuva

Novartis Pharma N.V.

Novartis Pharma Services Inc.

Tél/Tel: +32 2 246 16 11

Tel: +370 5 269 16 50

България

Luxembourg/Luxemburg

Novartis Bulgaria EOOD

Novartis Pharma N.V.

Тел: +359 2 489 98 28

Tél/Tel: +32 2 246 16 11

Česká republika

Magyarország

Novartis s.r.o.

Novartis Hungária Kft.

Tel: +420 225 775 111

Tel.: +36 1 457 65 00

Danmark

Malta

Novartis Healthcare A/S

Novartis Pharma Services Inc.

Tlf: +45 39 16 84 00

Tel: +356 2122 2872

 

Deutschland

Nederland

Novartis Pharma GmbH

Novartis Pharma B.V.

Tel: +49 911 273 0

Tel: +31 26 37 82 555

Eesti

Norge

Novartis Pharma Services Inc.

Novartis Norge AS

Tel: +372 66 30 810

Tlf: +47 23 05 20 00

Ελλάδα

Österreich

Novartis (Hellas) A.E.B.E.

Novartis Pharma GmbH

Τηλ: +30 210 281 17 12

Tel: +43 1 86 6570

España

Polska

Novartis Farmacéutica, S.A.

Novartis Poland Sp. z o.o.

Tel: +34 93 306 42 00

Tel.: +48 22 375 4888

France

Portugal

Novartis Pharma S.A.S.

Novartis Farma - Produtos Farmacêuticos, S.A.

Tél: +33 1 55 47 66 00

Tel: +351 21 000 8600

Hrvatska

România

Novartis Hrvatska d.o.o.

Novartis Pharma Services Romania SRL

Tel. +385 1 6274 220

Tel: +40 21 31299 01

Ireland

Slovenija

Novartis Ireland Limited

Novartis Pharma Services Inc.

Tel: +353 1 260 12 55

Tel: +386 1 300 75 50

Ísland

Slovenská republika

Vistor hf.

Novartis Slovakia s.r.o.

Sími: +354 535 7000

Tel: +421 2 5542 5439

Italia

Suomi/Finland

Novartis Farma S.p.A.

Novartis Finland Oy

Tel: +39 02 96 54 1

Puh/Tel: +358 (0)10 6133 200

Κύπρος

Sverige

Novartis Pharma Services Inc.

Novartis Sverige AB

Τηλ: +357 22 690 690

Tel: +46 8 732 32 00

Latvija

United Kingdom

SIA “Novartis Baltics”

Novartis Pharmaceuticals UK Ltd.

Tel: +371 67 887 070

Tel: +44 1276 698370

Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in

Meer informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau: http://www.ema.europa.eu.

De volgende informatie is alleen bestemd voor beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg:

1)Alvorens Arzerra te verdunnen

Controleer voor verdunning of het Arzerra concentraat geen vreemde deeltjes en geen verkleuring bevat. Ofatumumab dient een kleurloze tot lichtgele oplossing te zijn. Gebruik het Arzerra concentraat niet indien er een verkleuring is opgetreden.

Schud de ofatumumab injectieflacon niet voordat u de controle uitvoert.

2)Hoe moet de oplossing voor infusie worden verdund

Het Arzerra concentraat moet voor gebruik onder aseptische omstandigheden worden verdund met natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie.

300 mg dosis - gebruik drie 100 mg/5 ml injectieflacons (in totaal 15 ml, 5 ml per injectieflacon):

Trek 15 ml op uit een 1000 ml infuuszak met natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie en gooi dit weg

Trek 5 ml ofatumumab op uit elk van de drie 100 mg injectieflacons en injecteer dit in de 1000 ml infuuszak

Niet schudden, maar de oplossing mengen door voorzichtig omkeren

1000 mg dosis – gebruik één 1000 mg/50 ml injectieflacon (in totaal 50 ml, 50 ml per injectieflacon):

Trek 50 ml op uit een 1000 ml infuuszak met natriumchloride 9 mg/ml (0,9% oplossing voor injectie en gooi dit weg

Trek 50 ml ofatumumab op uit de 1000 mg injectieflacon en injecteer dit in de 1000 ml infuuszak

Niet schudden, maar de oplossing mengen door voorzichtig omkeren

2000 mg dosis – gebruik twee 1000 mg/50 ml injectieflacons (in totaal 100 ml, 50 ml per injectieflacon):

Trek 100 ml op uit een 1000 ml infuuszak met natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie en gooi dit weg

Trek 50 ml ofatumumab op uit elk van de twee 1000 mg injectieflacons en injecteer dit in de 1000 ml infuuszak

Niet schudden, maar de oplossing mengen door voorzichtig omkeren

3)Hoe moet de verdunde oplossing worden toegediend?

Arzerra mag niet worden toegediend als een intraveneuze stoot- of bolusdosering. Het moet worden toegediend via een intraveneuze infusiepomp.

De infusie moet binnen 24 uur na bereiding worden beëindigd. Alle ongebruikte oplossing die na deze periode overgebleven is, moet worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.

Arzerra mag niet worden gemengd met of toegediend worden als een infusie met andere geneesmiddelen of intraveneuze oplossingen. Spoel de lijn voor en na ofatumumab toediening met natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie om menging te voorkomen.

Eerder onbehandelde CLL en recidief CLL:

De eerste infusie dient in 4,5 uur toegediend te worden (zie rubriek 4.2 van de SmPC) via een perifere lijn of een inwendige katheter, volgens het onderstaande schema:

Als de eerste infusie volledig werd toegediend zonder ernstige bijwerkingen, dan moeten de resterende infusies met 1000 mg worden toegediend in 4 uur (zie rubriek 4.2 van de SmPC) via een perifere lijn of een inwendige katheter, volgens het onderstaande schema. Als er enige infusiegerelateerde bijwerking wordt waargenomen, dan moet de infusie worden onderbroken en opnieuw worden gestart wanneer de toestand van de patiënt stabiel is (zie rubriek 4.2 van de SmPC).

Infusieschema

Tijd na het starten van de infusie

Infusie 1

Volgende infusies*

(minuten)

Infusiesnelheid (ml/uur)

Infusiesnelheid (ml/uur)

0-30

31-60

61-90

91-120

121-150

151-180

180+

* Als de voorgaande infusie volledig werd toegediend zonder ernstige infusiegerelateerde bijwerkingen. Als infusiegerelateerde bijwerkingen worden waargenomen, moet de infusie onderbroken worden en opnieuw worden opgestart zodra de toestand van de patiënt stabiel is (zie rubriek 4.2 van de SmPC).

Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient te worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.

Refractaire CLL:

De eerste en tweede infusie moeten in 6,5 uur toegediend worden (zie rubriek 4.2 van de SmPC) via een perifere lijn of een inwendige katheter volgens het onderstaande schema:

Als de tweede infusie volledig werd toegediend zonder ernstige bijwerkingen, dan kunnen de resterende infusies (3 tot en met 12) toegediend worden binnen 4 uur (zie rubriek 4.2 van de SmPC) via een perifere lijn of een inwendige katheter, volgens het onderstaande schema. Als er enige infusiegerelateerde bijwerking wordt waargenomen, dan moet de infusie worden onderbroken en opnieuw worden gestart wanneer de toestand van de patiënt stabiel is (zie rubriek 4.2 van de SmPC).

Infusieschema

Tijd na het starten van de infusie

Infusies 1 en 2

Infusies 3* tot 12

(minuten)

Infusiesnelheid (ml/uur)

Infusiesnelheid (ml/uur)

0-30

31- 60

61-90

91-120

121+

*Als de tweede infusie volledig werd toegediend zonder ernstige infusiegerelateerde bijwerkingen. Als infusiegerelateerde bijwerkingen worden waargenomen, moet de infusie onderbroken worden en opnieuw worden opgestart zodra de toestand van de patiënt stabiel is (zie rubriek 4.2 van de SmPC).

Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient te worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.

Commentaar

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
  • Hulp
  • Get it on Google Play
  • Over
  • Info on site by:

  • Presented by RXed.eu

  • 27558

    Geneesmiddelen op recept vermeld