Dutch
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Retacrit (epoetin zeta) – Bijsluiter - B03XA01

Updated on site: 09-Oct-2017

Naam van geneesmiddelRetacrit
ATC codeB03XA01
Werkzame stofepoetin zeta
ProducentHospira UK Limited

Bijsluiter: informatie voor de patiënt

Retacrit 1.000 IE/0,3 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 2.000 IE/0,6 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 3.000 IE/0,9 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 4.000 IE/0,4 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 5.000 IE/0,5 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 6.000 IE/0,6 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 8.000 IE/0,8 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 10.000 IE/1 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 20.000 IE/0,5 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 30.000 IE/0,75 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Retacrit 40.000 IE/1 ml oplossing voor injectie in voorgevulde spuit

Epoëtine zeta

Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie in voor u. Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.

Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.

Geef dit geneesmiddel niet door aan anderen, want het is alleen aan u voorgeschreven. Het kan schadelijk zijn voor anderen, ook al hebben zij dezelfde klachten als u.

Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige

Inhoud van deze bijsluiter:

1.Waarvoor wordt dit geneesmiddel gebruikt?

2.Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

3.Hoe gebruikt u dit middel?

4.Mogelijke bijwerkingen

5.Hoe bewaart u dit middel?

6.Inhoud van de verpakking en overige informatie

1.Waarvoor wordt dit geneesmiddel gebruikt?

Retacrit bevat een eiwit genaamd epoëtine zeta dat het beenmerg stimuleert om meer rode bloedcellen te produceren, die hemoglobine (een substantie die zuurstof transporteert) bevatten. Epoëtine zeta is een kopie van het menselijke eiwit erytropoëtine en werkt op dezelfde manier.

Retacrit wordt gebruikt

Bij volwassenen, kinderen en adolescenten die hemodialyse ondergaan als behandeling voor symptomatische anemie (laag aantal rode bloedcellen) die gepaard gaat met chronisch nierfalen (nieraandoening).

Bij volwassen patiënten die peritoneale dialyse ondergaan als behandeling voor symptomatische anemie, geassocieerd met chronisch nierfalen (nieraandoening).

Bij volwassen patiënten met nierinsufficiëntie die nog geen dialyse ondergaan als behandeling voor ernstige anemie, geassocieerd met een nieraandoening en gepaard gaand met klinische symptomen.

Bij volwassen patiënten die chemotherapie krijgen voor vaste tumoren, maligne lymfoom (kanker van het lymfesysteem) of multiple myeloom (beenmergkanker) als behandeling voor de anemie en om de behoefte aan bloedtransfusies te verminderen, wanneer de arts beslist dat mogelijks sprake is van een hoog risico dat een bloedtransfusie noodzakelijk is.

Bij patiënten met een matig ernstige anemie die bloed afstaan voorafgaand aan een chirurgische ingreep, zodat zij hun eigen bloed kunnen toegediend krijgen tijdens of na de operatie (autologe

predonatie).

Bij volwassen patiënten met een matig ernstige anemie die binnenkort een grote orthopedische operatie (aan de botten, bijvoorbeeld heup- of knievervangingstherapie) om de behoefte aan bloedtransfusies te verminderen.

2.Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

U bent allergisch voor één van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u vinden onder rubriek 6.

als u lijdt aan Pure Red Cel Plasma (PARKA; het ontbreken van erg jong rode bloedcellen) na behandeling met een erythropoëtine

als u hoge bloeddruk heeft die niet goed onder controle kan worden gebracht met bloeddrukverlagende middelen

als u geen bloedverdunners mag gebruiken

als u uw eigen bloed geeft voor de operatie, en:

u een hartaanval of een beroerte heeft gehad in de maand die voorafging aan uw behandeling

u lijdt aan instabiele angina pectoris – nieuwe of verergerende pijn op de borst

u risico loopt op de vorming van bloedklonters in de aders (diepe veneuze trombose)

bijvoorbeeld wanneer dit al eerder is gebeurd.

-als u binnenkort een grote orthopedische ingreep moet ondergaan, zoals een heup- of knievervanging en:

u een ernstige hartaandoening of ernstige ziekte van de aderen of bloedvaten heeft

als u onlangs een hartaanval of beroerte heeft doorgemaakt.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Vertel uw arts wanneer u weet dat u lijdt of geleden heeft aan een van volgende aandoeningen, voordat u Retacrit gebruikt:

epileptische aanvallen

leveraandoeningen

kanker

anemie ten gevolge van andere oorzaken

hartkwalen (zoals angina pectoris)

aandoeningen van de bloedsomloop die resulteren in een tintelend gevoel, koude handen of voeten of spierspasmen in de benen

bloedklonters/ aandoeningen waarbij bloedklonters ontstaan

nierkwalen.

Speciale waarschuwingen

Tijdens behandeling met Retacrit

Uw arts zal controleren dat uw hemoglobine niet boven een bepaald niveau gaat, aangezien hoge hemoglobine concentraties het risico op problemen met hart en bloedvaten verhogen en het risico op myocard infarct, beroerte of dood zouden kunnen verhogen

Uw arts moet proberen uw hemoglobinegehalte tussen de 10 en 12 g/dl te houden. Uw hemoglobinegehalte mag niet boven 12 g/dl stijgen

Uw arts zal uw bloeddruk regelmatig opnemen wanneer u Retacrit gebruikt. Wanneer u hoofdpijn ervaart, vooral plotseling opkomende, stekende, migraineachtige hoofdpijn, of wanneer u verward bent of toevallen krijgt, moet u dit onmiddellijk aan de arts of de verpleegkundige zeggen. Dit kan wijzen op een plotse stijging van de bloeddruk, wat een dringende behandeling noodzakelijk maakt.

Er kan zich een verhoging van het aantal bloedplaatjes (cellen die de bloedstolling helpen bevorderen)

voordoen tijdens de behandeling met dit geneesmiddel. Dit zou moeten verbeteren tijdens de behandeling. Het verdient aanbeveling het aantal bloedplaatjes regelmatig te laten natellen tijdens de eerste 8 weken van de therapie.

Vergeet niet uw arts ervan op de hoogte te brengen dat u Retacrit krijgt wanneer u naar het ziekenhuis of de huisarts gaat voor een behandeling of een bloedonderzoek, aangezien Retacrit de resultaten kan beïnvloeden.

Wees extra voorzichtig met andere geneesmiddelen die de productie van rode bloedcellen stimuleren. Retacrit behoort tot de groep van producten dewelke de productie van rode bloedcellen stimuleren, op de manier zoals het menselijke eiwit erytropoëtine dit doet. Uw beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg zal altijd het juiste product dat u gebruikt registreren.

Nierpatiënten

Pure Red Cell Aplasia (PRCA) werd in zeldzame gevallen geconstateerd na maanden of jaren van behandeling met andere producten die erythropoëtines bevatten en mag dus niet uitgesloten worden in een behandeling met Retacrit. PRCA betekent het onvermogen voldoende rode bloedcellen te produceren in het beenmerg. Wanneer deze aandoening optreedt, kan dit leiden tot ernstige anemie, met als symptomen ongebruikelijke vermoeidheid, duizeligheid of buiten adem zijn. PRCA kan veroorzaakt worden door de productie van antilichamen tegen het erythropoëtineproduct en daardoor tegen uw endogene erythropoëtine.

U moet deze informatie met uw arts bespreken. Indien deze PRCA – een zeldzame aandoening – optreedt, wordt de Retacrittherapie stopgezet en zal uw arts bepalen wat de beste behandeling voor de anemie is. Hoewel deze complicatie zeldzaam is, moet u zich er toch van bewust zijn dat, wanneer ze zich bij u zou voordoen, u regelmatig, mogelijk zelfs uw leven lang bloedtransfusies nodig zult hebben, om de anemie te behandelen en dat de Retacrittherapie wordt stopgezet. Breng uw arts onmiddellijk op de hoogte wanneer u zich erg vermoeid voelt, of duizelig, of wanneer u kortademig bent. Uw arts kan beslissen of de Retacrit in uw geval niet goed werkt en dan, eventueel de therapie stopzetten.

Patiënten met chronisch nierfalen die erythropoëtine krijgen, moeten hun hemoglobinewaarden (het gedeelte van de rode bloedcel dat zuurstof transporteert) regelmatig laten controleren totdat een stabiel niveau bereikt is en deze waarden vervolgens periodiek laten controleren, teneinde het risico op een verhoogde bloeddruk zoveel mogelijk te beperken.

Als u een patiënt bent met chronisch nierfalen, en vooral als u niet goed reageert op Retacrit, zal uw arts uw dosis Retacrit controleren omdat herhaaldelijk verhogen van uw dosis Retacrit wanneer u niet reageert op de behandeling het risico op problemen met hart en bloedvaten kan verhogen, alsook het risico op hartinfarct, beroerte en overlijden.

In geïsoleerde gevallen zagen we een stijging van de kaliumwaarden in het bloed. Bij patiënten met chronisch nierfalen kan de correctie voor de anemie leiden tot verhoogde eetlust en verhoogde inname van kalium en eiwitten. Wanneer u een dialysebehandeling ondergaat wanneer u de behandeling met Retacrit opstart, is het mogelijk dat uw dialyseregime moet worden aangepast om de ureum-, creatinine- en kaliumwaarden op peil te houden. Uw arts beslist daarover.

Serumelectrolyten (stoffen in uw bloed) moeten bij patiënten met chronisch nierfalen goed gecontroleerd worden. Wanneer men gestegen (of stijgende) kaliumwaarde ontdekt, moet overwogen worden om de toediening van Retacrit stop te zetten tot de waarden weer genormaliseerd zijn.

Vaak moet de dosis van een bepaalde bloedverdunner (heparine) tijdens de hemodialyse verhoogd worden tijdens de behandeling met Retacrit teneinde het risico op bloedklonters te verminderen. Wanneer de heparinisatie niet optimaal is, kan het dialysesysteem blokkeren.

Kankerpatiënten

Kankerpatiënten lopen een verhoogd risico op klontervorming wanneer zij geneesmiddelen op basis van Erythropoëtine, zoals Retacrit toegediend krijgen (zie rubriek 4). Daarom moet u de voordelen van Retacrit met uw arts bespreken, zeker wanneer u aan obesitas lijdt of een geschiedenis van klonters/aandoening die verband houden met klontervorming, heeft.

Kankerpatiënten die Erythropoëtine toegediend krijgen, moeten hun hemoglobinewaarden (het deel van de rode bloedcel dat voor zuurstoftransport zorgt) regelmatig laten nakijken, tot ze een stabiel niveau hebben bereikt, waarna ze de waarden op vaste tijdstippen moeten laten controleren.

Wanneer u kankerpatiënt bent, moet u zich er van bewust zijn dat Retacrit kan fungeren als bloedcel groeifactor en in sommige gevallen een negatieve invloed kan hebben op uw kanker. Afhankelijk van uw individuele situatie kan een bloedtransfusie de voorkeur hebben. Bespreekt dit met uw arts.

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Gebruikt u naast Retacrit nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker.

In het bijzonder, wanneer u een geneesmiddel inneemt met het actieve bestanddeel cyclosporine, om uw immuunsysteem na een niertransplantatie te onderdrukken, zal uw arts speciale bloedtesten voorschrijven om de cyclosporinewaarden te controleren zo lang u Retacrit inneemt.

IJzersupplementen en andere bloedstimulantia kunnen de doeltreffendheid van Retacrit versterken. Uw arts beslist of het in u geval een goed idee is deze geneesmiddelen in te nemen.

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Wanneer u zwanger bent of borstvoeding geeft, mag Retacrit alleen gebruikt worden wanneer de voordelen van Retacrit zwaarder doorwegen dan het potentiële risico voor de foetus.

Er zijn geen gegevens beschikbaar over de effecten van epoëtine zeta op de vruchtbaarheid.

Vraag uw arts om advies voordat u een geneesmiddel inneemt.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Retacrit heeft weinig tot geen invloed op de rijvaardigheid of het vermogen om machines te gebruiken.

Retacrit bevat fenylalanine

Dit geneesmiddel bevat fenylalanine. Dit kan schadelijk zijn voor mensen met fenylketonurie (erfelijk enzymtekort dat de uitscheiding van een chemische stof (fenylketon) in de urine verhoogt en die aandoeningen van het zenuwstelsel kan veroorzaken).

Retacrit bevat natrium

Dit geneesmiddel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis, d.w.z. dat het in feite ‘natriumvrij’ is.

3.Hoe gebruikt u dit middel?

De Retacrittherapie wordt gewoonlijk onder medisch toezicht opgestart. Retacrit injecties kunnen daarna door een arts, een verpleegkundige of een andere beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg worden gegeven.

Wanneer Retacrit onderhuids (subcutaan) geïnjecteerd wordt, kunt u de oplossing ook zelf injecteren, nadat men u getoond heeft hoe dat moet. Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts.

Informatie over de dosis

De dosering wordt berekend op basis van uw lichaamsgewicht in kilogram.

Uw arts zal onderzoeken uitvoeren, zoals bijvoorbeeld bloedonderzoeken, om vast te stellen of het nodig is dat u Retacrit toegediend krijgt. Hij berekent dan de correcte dosis Retacrit die u moet gebruiken, hoe lang de behandeling moet worden voortgezet en via welke toedieningsweg het geneesmiddel zal worden gegeven. Deze beslissingen worden beïnvloed door de aandoening waardoor uw anemie wordt veroorzaakt. Uw arts zal de laagste werkzame dosis gebruiken om de symptomen van uw anemie te behandelen. Indien u niet goed genoeg reageert op de Retacrit-behandeling zal uw arts uw dosering controleren en u informeren als u uw Retacrit-dosering dient te veranderen.

Het kan zijn dat u vóór en tijdens de behandeling met Retacrit ijzersupplementen krijgt om de behandeling effectiever te maken.

Gebruik bij nierpatiënten

Retacrit dient ofwel onder de huid (subcutaan) ofwel als een injectie in de ader of via een canule in de ader te worden toegediend.

Gebruik bij volwassen patiënten die hemodialyse krijgen

Uw arts zal uw hemoglobinegehalte tussen de 10 en 12 g/dl (6,2-7,5 mmol/l) houden.

Retacrit mag tijdens of na de dialyse worden toegediend.

De gebruikelijke startdosis Retacrit is 50 IE/kg (internationale eenheden per kilogram). Die wordt 3 maal per week toegediend. Als de oplossing in een ader wordt toegediend, dient het te worden geïnjecteerd over 1-5 minuten.

Afhankelijk van hoe uw anemie reageert op de behandeling kan de dosis na ongeveer 4 weken aangepast worden tot uw toestand onder controle is.

Uw arts zal regelmatig bloedonderzoeken voorschrijven om er zeker van te zijn dat het geneesmiddel nog steeds goed werkt. Wanneer uw aandoening onder controle gebracht is, krijgt u normale doses Retacrit, 2 of 3 maal per week. Deze doses zijn niet zo hoog als de doses die u aanvankelijk toegediend kreeg.

Gebruik bij kinderen en adolescenten ( 18 jaar) die hemodialyse krijgen

De arts zal het hemoglobinegehalte bij kinderen tussen de 9,5 en 11 g/dl houden.

Retacrit moet worden gegeven nadat het patiënt een dialyse gehad heeft.

De dosis voor kinderen en adolescenten is gebaseerd op het lichaamsgewicht in kilogram. De gebruikelijke startdosis is 50 IE kg. Die wordt dan drie maal per week toegediend, via een intraveneuze injectie (over 1-5 minuten).

Afhankelijk van hoe uw anemie reageert op de behandeling, kan de dosis na ongeveer 4 weken aangepast worden tot de toestand onder controle is. Uw arts zal regelmatig bloedonderzoek voorschrijven om te kijken of dat doel bereikt werd.

Gebruik bij volwassen patiënten die peritoneale dialyse krijgen

Uw arts zal het hemoglobinegehalte tussen de 10 en 12 g/dl houden.

De gebruikelijke startdosis is 50 IE/kg. Die wordt twee maal per week toegediend.

Afhankelijk van hoe uw anemie reageert op de behandeling, kan de dosis na ongeveer 4 weken aangepast worden tot uw toestand onder controle is.

Uw arts zal regelmatig bloedonderzoeken voorschrijven om te kijken of het geneesmiddel nog goed werkt.

Gebruik bij volwassen patiënten met een nieraandoening, die geen dialyse krijgen

De gebruikelijke startdosis is 50 IE/kg. Die wordt drie maal per week toegediend.

De startdosis kan door uw arts aangepast worden tot uw toestand onder controle is. Tot dan krijgt u de normale dosis Retacrit, drie maal per week of, indien u onderhuidse injecties krijgt kan Retacrit ook een maal per week of een maal per twee weken toegediend worden. De maximale dosering mag niet hoger zijn dan 150 IE/kg drie maal per week, 240 IE/kg (tot een maximum van 20.000 IE) een maal per week of 480 IE/kg (tot een maximum van 40.000 IE) eenmaal per twee weken

Uw arts zal regelmatig bloedonderzoeken voorschrijven om te kijken of het geneesmiddel nog goed werkt

Als er bij u een langere tijd tussen de toedieningen zit (meer dan een week), kan het zijn dat uw hemoglobineconcentraties niet hoog genoeg blijven en dat u een hogere dosis Retacrit nodig heeft of dat het vaker toegediend moet worden.

Gebruik bij volwassen patiënten die chemotherapie krijgen

Uw arts kan een behandeling met Retacrit starten als uw hemoglobinegehalte 10 g/dl of lager is. Na aanvang van de therapie zal uw arts het hemoglobinegehalte tussen 10 en 12 g/dl houden.

De gebruikelijke startdosis is 150 IE/kg. Die wordt drie maal per week toegediend via een onderhuidse injectie. Als alternatief kan uw arts een startdosis van 450 IE/kg een maal per week aanbevelen. De startdosis kan door uw arts worden aangepast, afhankelijk van hoe uw anemie op de behandeling reageert; het is gebruikelijk dat u Retacrit toegediend krijgt tot 1 maand na het beëindigen van de chemotherapie.

Gebruik bij patiënten in een autoloog predonatieprogramma

De gebruikelijke startdosis is 600 IE/kg. Die wordt twee maal per week toegediend door middel van een intraveneuze injectie. U krijgt Retacrit gedurende de 3 weken die aan de chirurgische ingreep voorafgaan. U moet ook ijzersupplementen innemen voor en tijdens de behandeling met Retacrit om de doeltreffendheid van Retacrit te verhogen.

Volwassen patiënten die voor een grote orthopedische (bot)ingreep zijn ingepland

Een dosis van 600 IE/kg wordt gegeven via een injectie onder de huid, eenmaal per week gedurende drie weken voorafgaand aan de ingreep en op de dag van de ingreep. Bij patiënten bij wie het noodzakelijk is om de tijd tot aan de operatie in te korten, wordt een dosis van 300 IE/kg gegeven op elk van de 10 dagen voorafgaand aan de operatie, op de dag van de operatie en gedurende 4 dagen erna. Als uit bloedonderzoek in de periode voor de operatie blijkt dat uw hemoglobinewaarde te hoog

is, wordt de behandeling gestopt.

Het is ook belangrijk dat de ijzerwaarden in uw bloed tijdens de behandeling met Retacrit normaal zijn. Daar waar nodig ontvangt u orale doses ijzer elke dag, waarmee bij voorkeur wordt gestart vóór de behandeling met Retacrit.

Informatie over de toediening

De voorgevulde spuit met Retacrit is klaar voor gebruik. Elke spuit mag slechts voor één enkele injectie gebruikt worden. De Retacrit injectie mag niet geschud worden en mag niet met welke andere vloeistof dan ook vermengd worden.

Wanneer Retacrit onderhuids geïnjecteerd wordt, mag de geïnjecteerde hoeveelheid nooit meer dan 1 ml bedragen. Goede injectieplaatsen zijn bovenaan de dij en rond de buik maar weg van de navel. Verander de injectieplaats van dag tot dag.

Volg altijd deze instructies wanneer u Retacrit gebruikt:

1.Neem een injectiespuit in een verzegelde blisterverpakking en laat deze en paar minuten liggen tot de injectiespuit op kamertemperatuur is, voordat u deze gebruikt. Dat duurt gewoonlijk 15 à 30 minuten.

2.Haal de injectiespuit uit de blisterverpakking en controleer of de oplossing helder, kleurloos en zo goed als vrij van zichtbare deeltjes is.

3.Verwijder het beschermkapje van de injectienaald en laat de lucht uit de spuit end e naald door de spuit verticaal vast te houden en de zuiger zachtjes op te trekken.

4.Injecteer de oplossing zoals uw arts u dat heeft laten zien. Wanneer u zich niet zeker voelt, moet u contact opnemen met uw arts of apotheker.

Gebruik Retacrit niet wanneer:

de verzegeling van de blister verbroken is of wanneer de blister op welke manier dan ook beschadigd is

de vloeistof gekleurd is of wanneer u er deeltjes in ziet rondzweven

er vloeistof weggelekt is ui de voorgevulde spuit of wanneer er condensatie zichtbaar is binnenin de verzegelde blister

u weet of vermoedt dat het product per ongeluk ingevroren werd

Overgaan van een intraveneuze naar een onderhuidse injectie (van intraveneus naar subcutaan)

Eens uw toestand onder controle is, krijgt u de normale doses Retacrit toegediend. Uw arts kan beslissen dat het beter is voor u om de Retacrit door middel van een onderhuidse injector (subcutaan) toegediend te krijgen dan via een injectie in een ader (intraveneus).

De dosis moet dezelfde blijven tijdens deze overgang. Nadien zal uw arts bloedtesten voorschrijven om te kijken of de dosis moet worden aangepast.

Zelf Retacrit onderhuids injecteren voor een anemie

Bij het begin van de behandeling wordt Retacrit meestal door een arts of een verpleegkundige geïnjecteerd. Uw arts kan later voorstellen dat u of uw verpleeghulp leert om het onder de huid (subcutaan) bij uzelf te injecteren.

Tracht niet uzelf te injecteren indien u hiervoor geen training heeft gekregen van uw arts of verpleegkundige.

Gebruik Retacrit altijd precies volgens de instructies van uw arts of verpleegkundige.

Gebruik dit geneesmiddel alleen als het correct bewaard werd (zie rubriek 5).

Laat de voorgevulde spuit op kamertemperatuur komen voor u het gebruikt. Dit duurt meestal 15 tot 30 minuten.

Neem enkel één dosis Retacrit van elke voorgevulde spuit.

Indien dit geneesmiddel geïnjecteerd wordt onder de huid (subcutaan), dient de geïnjecteerde hoeveelheid normaal niet meer te zijn dan 1 ml in een enkelvoudige injectie.

Retacrit wordt alleen toegediend en wordt niet gemengd met andere vloeistoffen voor injectie.

Schud niet met de voorgevulde spuiten. Langdurig krachtig schudden kan het product beschadigen. Gebruik het product niet indien er krachtig mee geschud is.

Hoe injecteert u uzelf met de voorgevulde spuit?

Haal een voorgevulde spuit uit de koelkast. De vloeistof moet op kamertemperatuur komen. Verwijder het naaldbeschermkapje van de spuit niet terwijl deze op kamertemperatuur komt.

Controleer de spuit om zeker te zijn dat het de juiste dosis is, dat de uiterste houdbaarheidsdatum niet verstreken is, dat het niet beschadigd is, en dat de vloeistof helder is en niet bevroren.

Kies waar u Retacrit gaat injecteren. Goede injectieplaatsen zijn de bovenkant van uw dij of rondom uw buik, maar uit de buurt van uw navel. Kies elke dag een andere injectieplaats.

Was uw handen. Gebruik een antiseptisch doekje op de injectieplaats om het te desinfecteren.

Houd de voorgevulde spuit vast bij het lichaam van de spuit met de beschermde naald naar boven gericht.

Niet vasthouden ter hoogte van de zuigerkop, de zuiger of het naaldbeschermkapje.

Nooit de zuiger terugtrekken.

Verwijder het naaldbeschermkapje niet van de voorgevulde spuit totdat u klaar bent om dit geneesmiddel te injecteren.

Neem het beschermkapje van de spuit door de cilinder vast te houden en het kapje er voorzichtig af te trekken zonder het te draaien. Duw niet op de zuiger, raak de naald niet aan en schud niet met de spuit.

Houd een huidplooi tussen duim en wijsvinger. Niet knijpen.

Steek de naald er volledig in. Uw arts of verpleegkundige heeft u misschien laten zien hoe u dit doet.

Duw de zuiger met uw duim zo ver mogelijk in om de volledige hoeveelheid vloeistof te injecteren. Duw hem langzaam en gelijkmatig in, terwijl u de huidplooi vasthoudt.

Wanneer de zuiger niet verder ingeduwd kan worden, haalt u de naald eruit en laat u de huid los.

Als de naald uit uw huid wordt getrokken, kan er een kleine bloeding op de injectieplaats ontstaan. Dit is normaal. U kunt een antiseptisch doekje op de injectieplaats drukken gedurende enkele seconden na de injectie.

Gooi uw gebruikte spuit in een naaldencontainer. Probeer niet om het naaldbeschermkapje terug te plaatsen.

Gooi gebruikte spuiten nooit bij uw normale huisvuil.

Hoe injecteert u uzelf met de voorgevulde spuit?

Aan de voorgevulde spuit is een passieve naaldbeschermer vastgemaakt om u te beschermen tegen naaldprikken.

Haal een voorgevulde spuit uit de koelkast. De vloeistof moet op kamertemperatuur komen. Verwijder het naaldbeschermkapje van de spuit niet terwijl deze op kamertemperatuur komt.

Controleer de spuit om zeker te zijn dat het de juiste dosis is, dat de uiterste houdbaarheidsdatum niet verstreken is, dat het niet beschadigd is, en dat de vloeistof helder is en niet bevroren.

Kies waar u Retacrit gaat injecteren. Goede injectieplaatsen zijn de bovenkant van uw dij of rondom uw buik, maar uit de buurt van uw navel. Kies elke dag een andere injectieplaats.

Was uw handen. Gebruik een antiseptisch doekje op de injectieplaats om het te desinfecteren.

Houd de voorgevulde spuit vast bij het lichaam van de spuit met de beschermde naald naar boven gericht.

Niet vasthoudenbij de zuigerkop, de zuiger of het naaldbeschermkapje.

Nooit de zuiger terugtrekken.

Verwijder het naaldbeschermkapje niet van de voorgevulde spuit totdat u klaar bent om dit geneesmiddel te injecteren.

Neem het beschermkapje van de spuit door de cilinder vast te houden en het kapje er voorzichtig af te trekken zonder het te draaien. Duw niet op de zuiger, raak de naald niet aan en schud niet met de spuit.

Houd een huidplooi tussen duim en wijsvinger. Niet knijpen.

Steek de naald er volledig in. Uw arts of verpleegkundige heeft u misschien laten zien hoe u dit doet.

Druk de zuiger in totdat de gehele dosis is gegeven terwijl u de vingerrand vastgrijpt. De naaldbeschermer zal NIET geactiveerd worden alvorens de GEHELE dosis toegediend is.

Wanneer de zuiger niet verder ingeduwd kan worden, haalt u de naald eruit en laat u de huid los.

Laat dan de zuiger los en laat vervolgens de spuit naar boven bewegen totdat de gehele naald omhuld en op zijn plaats vastgeklikt is.

Als de naald uit uw huid wordt getrokken, kan er een kleine bloeding op de injectieplaats ontstaan. Dit is normaal. U kunt een antiseptisch doekje op de injectieplaats drukken gedurende enkele seconden na de injectie.

Gooi uw gebruikte spuit in een naaldencontainer. Probeer niet om het naaldbeschermkapje terug te plaatsen.

Gooi gebruikte spuiten nooit bij uw normale huisvuil.

Hoe injecteert u uzelf met de voorgevulde spuit?

Aan uw spuit is een ‘needle-trap’ vastgemaakt die specifiek ontwikkeld is om onbedoelde naaldprikken te helpen voorkomen na correcte toediening van injecteerbare geneesmiddelen. Dit systeem bestaat uit een plastic ‘naaldvanger’ die stevig is vastgemaakt aan het etiket van de spuit. Beide onderdelen vormen samen het ‘needle-trap’ (veiligheids)systeem.

De gebruiker moet specifieke handelingen verrichten om de ‘needle-trap’ te ‘activeren’, waarbij de naald na toediening van de injectie onschadelijk wordt gemaakt:

Haal een voorgevulde spuit uit de koelkast. De vloeistof moet op kamertemperatuur komen. Verwijder het naaldbeschermkapje van de spuit niet terwijl deze op kamertemperatuur komt.

Controleer de spuit om zeker te zijn dat het de juiste dosis is, dat de uiterste houdbaarheidsdatum niet verstreken is, dat het niet beschadigd is, en dat de vloeistof helder is en niet bevroren.

Kies waar u Retacrit gaat injecteren. Goede injectieplaatsen zijn de bovenkant van uw dij of rondom uw buik, maar uit de buurt van uw navel. Kies elke dag een andere injectieplaats.

Was uw handen. Gebruik een antiseptisch doekje op de injectieplaats om het te desinfecteren.

Houd de voorgevulde spuit vast bij het lichaam van de spuit met de beschermde naald naar boven gericht.

Niet vasthouden bij de zuigerkop, de zuiger of het naaldbeschermkapje.

Nooit de zuiger terugtrekken.

Neem het uiteinde van de plastic naaldvanger vast en buig dit weg van het naaldbeschermkapje.

Verwijder het naaldbeschermkapje niet van de voorgevulde spuit totdat u klaar bent om dit geneesmiddel te injecteren.

Neem het beschermkapje van de spuit door de cilinder vast te houden en het kapje er voorzichtig af te trekken zonder het te draaien. Duw niet op de zuiger, raak de naald niet aan en schud niet met de spuit.

Houd een huidplooi tussen duim en wijsvinger. Niet knijpen.

Steek de naald er volledig in. Uw arts of verpleegkundige heeft u misschien laten zien hoe u dit doet.

Duw de zuiger met uw duim zo ver mogelijk in om de volledige hoeveelheid vloeistof te injecteren. Duw hem langzaam en gelijkmatig in, terwijl u de huidplooi vasthoudt.

Wanneer de zuiger niet verder ingeduwd kan worden, haalt u de naald eruit en laat u de huid los.

Plaats de plastic vanger van de needle trap tegen een hard, stabiel oppervlak en kantel de cilinder van de spuit met één hand schuin omhoog tegen de naald waardoor de naald in de vanger wordt gedrukt, waar hij op zijn plaats vastklikt (u hoort een ‘klik’ wanneer de naald in de vanger is vastgeklikt). Blijf de naald verder buigen totdat de spuit zich in een hoek van meer dan 45 graden bevindt ten opzichte van het vlakke oppervlak om de spuit definitief onbruikbaar te maken.

Als de naald uit uw huid wordt getrokken, kan er een kleine bloeding op de injectieplaats ontstaan. Dit is normaal. U kunt een antiseptisch doekje op de injectieplaats drukken gedurende enkele seconden na de injectie.

Gooi uw gebruikte spuit in een naaldencontainer. Probeer niet om het naaldbeschermkapje terug te plaatsen.

Gooi gebruikte spuiten nooit bij uw normale huisvuil.

Wat moet u doen als u meer Retacrit heeft gebruikt dan u zou mogen

Retacrit heeft een brede veiligheidsmarge en bijwerkingen ten gevolge van een overdosis zijn bij het gebruik van Retacrit onwaarschijnlijk. U moet de arts of de verpleegkundige onmiddellijk op de hoogte brengen als u denkt dat u meer Retacrit heeft gebruikt dan u zou mogen.

Wat moet u doen wanneer u vergeten bent Retacrit te gebruiken

Gebruik geen dubbele dosis om de vergeten dosis in te halen.

Als u stopt met het gebruik van Retacrit

Zet de behandeling niet stop zonder uw arts te raadplegen.

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts.

4.Mogelijke bijwerkingen

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

Als u hoofdpijn ervaart, met name een plotselinge, stekende, migraine-achtige hoofdpijn, of als u zich verward voelt of toevallen heeft, vertel dit dan onmiddellijk aan uw arts. Dit kunnen waarschuwingstekens zijn van een plotselinge stijging van de bloeddruk waarvoor dringend behandeling noodzakelijk is.

Vertel uw arts of verpleegkundige direct als u een van de bijwerkingen in de lijst krijgt

Zeer vaak voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij meer dan 1 op de 10 mensen die Retacrit gebruiken

griepachtige symptomen, hoofdpijn, pijn in de gewrichten, gevoel van zwakte, vermoeidheid en duizeligheid.

Verstopping van de luchtwegen, zoals een verstopte neus en keelpijn is gemeld by patiënten met een nierziekte die nog geen dialyse krijgen

Vaak voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 10 mensen die Retacrit gebruiken

verhoogde bloeddruk. Een verhoogde bloeddruk waarvoor behandeling met geneesmiddelen noodzakelijk kan zijn (of een aanpassing van de dosis van de geneesmiddelen die u al voor uw hoge bloeddruk gebruikt). Het kan zijn dat uw arts uw bloeddruk regelmatig controleert terwijl u Retacrit gebruikt, met name bij het begin van de behandeling.

Pijn in de borstkas, buiten adem zijn, pijnlijke zwelling in het been dewelke symptomen van bloedklonters kunnen zijn (longembolie, diep veneuze trombose)

Beroerte (onvoldoende bloedtoevoer naar de hersenen, wat kan leiden tot onvermogen om een of meerdere ledematen aan één kant van het lichaam te bewegen, onvermogen om spraak te begrijpen of te formuleren, of een onvermogen om één zijde van het visuele veld te zien)

Huiduitslag en zwelling rond de ogen (oedeem), wat het resultaat van een allergische reactie zou kunnen zijn

Bloedklonter in een kunstnier

Soms voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 100 mensen die Retacrit gebruiken

Hersenbloedingen

Zelden voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 1.000 mensen die Retacrit gebruikenOvergevoeligheidsreacties

Zeer zelden voorkomende bijwerkingen

Deze kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 10.000 mensen die Retacrit gebruiken

Stijging van kleine bloedcellen (bloedplaatjes genoemd) kan optreden, dewelke gewoonlijk een rol spelen bij de vorming van een bloedstolsel. Uw arts zal dit controleren.

Bijwerkingen waarvan de frequentie niet gekend is

De frequentie van deze bijwerkingen kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald.

zwelling, voornamelijk in het gebied van de oogleden en de lippen (Quincke's oedeem) en shock-achtige allergische reacties met symptomen als tintelingen, roodheid, jeuk, opvliegers en een versnelde hartslag.

Vasculaire en trombotische voorvallen (bloedstolses) in bloedvaten zoals een verstoorde bloeddoorstroming in de hersenen, retinale trombose, verstoorde bloeddoorstroming van het hart, een hartaanval, arteriële trombose, verwijding van de wand van een bloedvat (aneurysma)

Pure red cell aplasie (PRCA). PRCA werd gerapporteerd bij patiënten na maanden tot jaren subcutane behandeling (waarbij het middel via een injectie onder de huid wordt toegediend) met erytropoëtine. Bij PRCA is uw lichaam niet in staat voldoende rode bloedcellen in het beenmerg aan te maken (zie de rubriek 'Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?').

Jeuk (pruritus)

Andere bijwerkingen:

Nierpatiënten

-Een verhoogde bloeddruk waarvoor behandeling met geneesmiddelen noodzakelijk kan zijn of een aanpassing van de dosis van de geneesmiddelen die u al voor uw hoge bloeddruk gebruikt. Het kan zijn dat uw arts uw bloeddruk regelmatig controleert terwijl u Retacrit gebruikt, met name bij het begin van de behandeling.

-Een blokkade in de verbinding tussen slagader en ader (shunttrombose) kan optreden, met name als u een lage bloeddruk heeft of als uw arterioveneuze fistel complicaties geeft. Uw arts kan uw shunt controleren en een geneesmiddel voorschrijven om trombose te voorkomen.

Kankerpatiënten

- Bloedstolling (trombovasculaire voorvallen) (zie de rubriek 'Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?').

-Verhoging van de bloeddruk. Als gevolg hiervan moeten zowel uw hemoglobinewaarde als uw bloeddruk nauwkeurig worden bewaakt.

Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

5.Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op het etiket en de doos. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Bewaren in de koelkast (2°C – 8°C). Niet in de vriezer bewaren.

De voorgevulde spuit in de buitenverpakking bewaren ter bescherming tegen licht.

De voorgevulde spuit kan uit de koelkast worden verwijderd voor een eenmalige periode van ten hoogste 3 dagen bij kamertemperatuur (maar beneden de 25°C).

Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht.

6. Inhoud van de verpakking en overige informatie

Wat bevat Retacrit

Het werkzame bestanddeel is epoëtine zeta (geproduceerd door de recombinante DNA- technologie in CHO cellijn).

Retacrit 1.000 IE/0,3 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,3 ml oplossing voor injectie bevat 1.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 3.333 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 2.000 IE/0,6 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,6 ml oplossing voor injectie bevat 2.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 3.333 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 3.000 IE/0,9 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,9 ml oplossing voor injectie bevat 3.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 3.333 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 4.000 IE/0,4 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,4 ml oplossing voor injectie bevat 4.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 10.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 5.000 IE/0,5 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,5 ml oplossing voor injectie bevat 5.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 10.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 6.000 IE/0,6 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,6 ml oplossing voor injectie bevat 6.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 10.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 8.000 IE/0,8 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,8 ml oplossing voor injectie bevat 8.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 10.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 10.000 IE/1 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 1 ml oplossing voor injectie bevat 10.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 10.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 20.000 IE/0,5 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,5 ml oplossing voor injectie bevat 20.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 40.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 30.000 IE/0,75 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 0,75 ml oplossing voor injectie bevat 30.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 40.000 IE epoëtine zeta per ml.

Retacrit 40.000 IE1 ml oplossing voor injectie in een voorgevulde injectiespuit

1 voorgevulde spuit met 1,0 ml oplossing voor injectie bevat 40.000 internationale eenheden (IE) epoëtine zeta (recombinant humaan erythropoëtine). De oplossing bevat 40.000 IE epoëtine zeta per ml.

De andere bestanddelen zijn dinatriumfosfaatdihydraat, natriumdihydrogeenfosfaatdihydraat, natriumchloride, calciumchloridedihydraat, polysorbaat 20, glycine, leucine, isoleucine, threonine, glutaminezuur, fenylalanine, water voor injecties, natriumhydroxide (voor aanpassing van de pH),

zoutzuur (voor aanpassing van de pH)

Hoe ziet Retacrit eruit en wat is de inhoud van de verpakking

Retacrit is een heldere en kleurloze oplossing voor injectie. Ze wordt gevuld in een doorzichtige glazen injectiespuit die voorzien is van een vaste injectienaald.

De voorgevulde injectiespuiten bevatten tussen 0,3 en 1 ml oplossing, afhankelijk van de inhoud van epoëtine zeta (zie “Wat bevat Retacrit”).

Een verpakking bevat 1 of 4 of 6 voorgevulde spuiten met of zonder naaldbeschermer of needle-trap veiligheidssysteem.

Multiverpakkingen bevatten 4 (4 pakken van 1) of 6 (6 pakken van 1) voorgevulde spuiten

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

Hospira UK Limited

Horizon

Honey Lane

Hurley

Maidenhead

SL6 6RJ

Verenigd Koninkrijk

Fabrikant

STADA Arzneimittel AG

Stadastrasse 2-18

D-61118 Bad Vilbel

Duitsland

HOSPIRA Enterprises B.V.

Randstad 22-11

1316 BN Almere

Nederland

Hospira Zagreb d.o.o.

Prudnička cesta 60

10291 Prigorje Brdovečko

Kroatië

Neem voor alle informatie met betrekking tot dit geneesmiddel contact op met de locale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen:

België/Belgique/Belgien

Lietuva

Pfizer S.A. / N.V.

Pfizer Luxembourg SARL filialas Lietuvoje

Tél/Tel: +32 2 554 62 11

Tel. + 370 52 51 4000

България

Luxembourg/Luxemburg

Alvogen Pharma Bulgaria Ltd

Pfizer S.A. / N.V.

Teл.: + 359 2 441 7136

Tél/Tel: +32 2 554 62 11

Česká republika

Magyarország

Pfizer, spol. s r.o.

Pfizer Kft.

Tel: +420-283-004-111

Tel.: + 36 1 488 37 00

Danmark

Malta

Pfizer ApS

Hospira UK Limited

Tlf: + 45 44 20 11 00

Tel: + 44 (0) 1628 515500

Deutschland

Nederland

Pfizer Pharma PFE GmbH

Pfizer S.A. / N.V.

Tel: + 49 (0)800 8535555

Tél/Tel: +32 2 554 62 11

Eesti

Norge

Pfizer Luxembourg SARL Eesti filiaal

Pfizer AS

Tel: +372 666 7500

Tlf: +47 67 52 61 00

Ελλάδα

Österreich

Aenorasis S.A.

Pfizer Corporation Austria Ges.m.b.H

Τηλ: + 30 210 6136332

España

Polska

Pfizer GEP, S.L.

Alvogen Poland Sp. z.o.o.

Tel: +34 91 490 99 00

Tel.: + 482 24609200

France

Portugal

Pfizer PFE France

Hospira Portugal Lda

Tél: + 33 (0)1 58 07 34 40

Tel: +351 21 423 55 00

Hrvatska

România

Alvogen d.o.o.

Alvogen Romania SRL

Tél/Tel: + 385 1 6641 830

Tel: +(40) 21 351 0286

Ireland

Slovenija

Hospira Ireland Sales Limited

Pfizer Luxembourg SARL

Tel: 1800 633 363 (toll free)

Pfizer, podružnica za svetovanje s področja

+44 (0) 1304 616161

farmacevtske dejavnosti, Ljubljana

 

Tel: +386 (0)1 52 11 400

Ísland

Slovenská republika

Icepharma hf.

Pfizer Luxembourg SARL, organizačná zložka

Sími: +354 540 8000

Tel: +421–2–3355 5500

Italia

Suomi/Finland

Pfizer Italia Srl

Pfizer PFE Finland Oy

Tel: +39 06 33 18 21

Puh/Tel: +358 (0)9 430 040

Κύπρος

Sverige

Hospira UK Limited

Pfizer AB

Τηλ: + 44 (0) 1628 515500

Tel: +46 (0)8 550 520 00

Latvija

United Kingdom

Pfizer Luxembourg SARL filiāle Latvijā

Hospira UK Limited

Tel.: + 371 670 35 775

Tel: + 44 (0) 1628 515500

Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd in {MM/JJJJ}.

Gedetailleerder informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europese Geneesmiddelenbureau: http://www.ema.europa.eu/.

Commentaar

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
  • Hulp
  • Get it on Google Play
  • Over
  • Info on site by:

  • Presented by RXed.eu

  • 27558

    Geneesmiddelen op recept vermeld